Specialisaties

Specialisatie

Scroll naar beneden voor informatie over onze specialisaties:

De algemeen fysiotherapeut
oedeemtherapie
oncologie fysiotherapie
COPD
Claudicationet

De algemeen fysiotheapeut

De fysiotherapeut is de deskundige als het gaat over het menselijke bewegingsapparaat. Hij behandelt patiënten die in het dagelijkse leven belemmerd worden bij het bewegen. Nederland kent ongeveer 16.000 fysiotherapeuten die werkzaam zijn in zelfstandige praktijken, gezondheidscentra, ziekenhuizen, revalidatiecentra, verpleeghuizen en – steeds vaker – op de bedrijfsvloer.
De fysiotherapeut behandelt individuele of groepen patiënten, vaak na een verwijzing van een arts. Naast de behandeling, die onder meer kan bestaan uit oefentherapie en massagetherapie, zet de fysiotherapeut zijn deskundigheid ook preventief in, bijvoorbeeld bij het adviseren of begeleiden van patiënten.
De behandeling van de fysiotherapeut kan verschillende doelen hebben. Bijvoorbeeld het verbeteren van het bewegend functioneren, het in stand houden ervan en het voorkomen van nieuwe klachten. Soms zal hij ook patiënten begeleiden om met een beperking te leren leven en hem helpen om bijvoorbeeld weer aan het werk te kunnen.
De laatste jaren gaat veel aandacht uit naar de preventieve gezondheidszorg. De fysiotherapeut speelt een belangrijke rol in het voorkomen van ziekten en klachten.
De fysiotherapeut baseert zijn werk zoveel mogelijk op wetenschappelijke inzichten en vertaalt die kennis in zijn praktijk.
De 3 fysiotherapeuten die in onze praktijk werkzaam zijn, hebben alvorens zich te gaan specialiseren, de opleiding tot algemeen fysiotherapeut afgerond.
Voor algemene vragen kunt U dan ook bij ons terecht.
Voor meer specialistischer vragen kunnen wij U eventueel doorverwijzen naar een gespecialiseerde fysiotherapeut uit ons Fysiomove team.

Oedeemtherapie

Vochtophoping
U bent of komt in behandeling bij de fysiotherapeut omdat u last hebt van “lymfoedeem”of vochtophoping. Een zwaar of vemoeid gevoel in de arm of het been, een strak en gespannen gevoel rondom de polsen, vingers, enkels, ellebogen of knieën kan het gevolg zijn van vochtophoping. Vaak heeft een patiënt pijn. Behandeling is noodzakelijk om een verdere toename van het oedeem te voorkomen. Hoe deze behandeling plaatsvindt en waarom, zal de fysiotherapeut U vertellen.

Lymfoedeem
Lymfoedeem is vochtophoping die wordt veroorzaakt door een storing in het lymfsysteem. Deze storing kan aangeboren zijn. Meestal treedt lymfoedeem echter op na een ernstige beschadiging van de lymfvaten of lymfklieren als gevolg van een operatie of bestraling.
Lymfoedeem begint met een gevoel van spanning in de huid door de zwelling van bijvoorbeeld arm of been. Lymfoedeem is niet alleen hinderlijk, maar kan ook ontstekingen (“wondroos”) en gewrichtsklachten tot gevolg hebben.

Lymfstelsel
Het lymfstelsel, wat een reinigings- en een afweersysteem is, is een netwerk van lymfvaten en lymfknopen door het gehele lichaam heen. In totaal heeft de mens ongeveer 600 m2 lymfvatweefsel. Lymfvaten nemen weefselvocht op met daarin opgelost, eiwitten, afvalstoffen en schadelijke deeltjes die niet in de bloedbaan kunnen worden opgenomen. De schadelijke deeltjes en afvalstoffen worden in de lymfknopen vernietigd. Met name in de liezen, in de oksels en in de hals zitten veel lymfknopen die als filters werken.

Behandeling
De behandeling van lymfoedeem bestaat uit oedeemtherapie die de volgende onderdelen bevat: manuele lymfedrainage, oedeem- en fibrosegrepen, compressietherapie en bewegings- en ademhalingsoefeningen. In een aantal gevallen zal de fysiotherapeut daarnaast gebruik maken van een drukgolfapparaat of “lymfpress.” De beste resultaten worden verkregen na een intensieve start van de behandeling. Dit betekent, dat u de fysiotherapeut in het begin 3 tot 5 maal per week bezoekt. de duur van de totale behandeling is afhankelijk van een aantal factoren en verschilt per persoon. Om de voortgang van de behandeling te kunnen bepalen, wordt de omvang van het oedeem regelmatig gemeten. Aan het einde van de behandelperiode laat de fysiotherapeut vaak een therapeutisch-elastische kous aanmeten om het verkregen resultaat te behouden.

Manuele lymfedrainage
Manuele lymfedrainage is een techniek waarbij de fysiotherapeut probeert, door een zachte pompende beweging, de vochtopname door de lymfvaten te stimuleren en het functioneren van goede vaten te bevorderen. Hierdoor wordt de opname en afvoer van weefselvocht verhoogd.

Oedeem- en fibrosegrepen
Oedeem- en fibrosegrepen zijn speciale handgrepen die de fysiotherapeut toepast bij bepaalde lymfoedeemgradaties. Door middel van oedeemgrepen kan lymfvocht door het weefsel heen worden geleid naar een plaats waar het gemakkelijker wordt opgenomen. Met fibrosegrepen kan verhard weefsel (“fibrose”) soepeler worden gemaakt.

Ambulante compressietherapie
Deze therapie is een combinatie van zwachtelen en bewegen. Om het effect van de behandeling te behouden, worden ledematen ingezwachteld.
In combinatie met compressietherapie is het van groot belang dat u bewegingsoefeningen doet. Als het oedeem na verloop van tijd niet verder afneemt, laat de fysiotherapeut een therapeutisch-elastische kous aanmeten.

Lymftape
Lymftape is een tapetechniek welke de lymfcirculatie bevorderd. De tape blijft gedurende enkele dagen tot weken zitten. U kunt hier mee douchen, mits U de tape voorzichtig behandeld. Lymftape wordt toegepast als ondersteuning bij de manuele lymfedrainage en/of compressietherapie.
zie www.fysiotape.nl

Bewegings- en ademhalingsoefeningen
De fysiotherapeut leert u specifieke bewegings- en ademhalingsoefeningen aan, die de afvoer van lymfvocht bevorderen. U kunt dit proces verder stimuleren door de oefeningen thuis zelf te doen. Beweging stimuleert namelijk de lymfvaten, waardoor overtollig vocht wordt afgevoerd.
Voldoende bewegen is dus belangrijk, maar let er wel op dat u overbelasting van het lichaam voorkomt.

Zelfmanagement
Zelf oefeningen doen en zelfmassage kan de behandeling ondersteunen. Op Youtube staan hierover enkele interessante filmpjes.

Vergoeding
Veel zorgverzekeraars vergoeden oedeemtherapie uit de “Aanvullende verzekering.” Wij adviseren u te informeren bij uw zorgverzekeraar of dit ook voor u geldt en indien ja, wat de hoogte is van de vergoeding.

Vragen
Voor vragen kunt U terecht bij onze gespecialiseerde (oedeem)fysiotherapeuten: Michel de Backere of Frank Audenaerde  of op www.nvfl.nl

Oncologie fysiotherapie

Oncologiefysiotherapie richt zich op behandeling van mensen die kanker hebben of hebben gehad. Met name op het gebied van de gevolgen van de ziekte zelf en de medische behandelingen daarvoor. Men kan dan denken aan lichamelijke problemen door de gevolgen van operaties, bestraling of chemotherapie. Maar er zijn ook algemene klachten, zoals pijn, moeheid, problemen met het uitvoeren van de dagelijkse bezigheden, een veranderd lichaamsbeeld of verminderde belastbaarheid. Deze algemene klachten hebben vaak een lichamelijke en geestelijke component, die elkaar beïnvloeden. Er is veel onderzoek gedaan naar de effecten van bewegen op algemene en lichamelijke klachten van kankerpatiënten. Daaruit blijkt dat fysiotherapie en met name bewegen een positieve invloed hebben op kwaliteit van leven, pijn, vermoeidheid, herstel van belastbaarheid en terugkeer in het arbeidproces.

Er zijn globaal vier stadia bij de behandeling van kanker. In ieder stadium gebeurt er iets anders en dat is van belang voor de doelen die de patiënt en de fysiotherapeut samen opstellen voor de behandeling.

In de behandelfase is de diagnose gesteld en vinden de primaire medische behandelingen plaats, zoals operatie, bestraling en/of chemotherapie. Dit kan allerlei ongemak met zich meebrengen waarbij de oncologiefysiotherapeut kan helpen. Verder is het erg belangrijk om actief te blijven en dus te blijven of juist te gaan bewegen. De oncologiefysiotherapeut kan daarover adviseren en het bewegen begeleiden.

In de herstelfase knapt de patiënt op van de medische behandelingen en kan hij of zij zijn leven weer gaan oppakken. Gevolgen van de medische behandelingen kunnen dat echter in de weg staan. In dit stadium is het dus belangrijk dat er voorwaarden geschapen worden voor het hervatten van een zo normaal mogelijk leven. Daarbij kan de oncologiefysiotherapeut helpen door bijvoorbeeld een bewegingsprogramma aan te bieden om de conditie weer op te bouwen of klachten te behandelen die verder herstel moeilijk maken. Zoals een beperkte beweging van de schouder. Van veel medische behandelingen is bekend wat de effecten kunnen zijn op lange termijn. Deze lange termijn effecten kunnen soms jaren later pas optreden, als de behandelingen en de na controles allang voorbij zijn. Maar er komen steeds nieuwe behandelingen bij waarvan we de lange termijn effecten misschien nog niet kennen. Veel lange termijn effecten hebben hun uitwerking op het bewegingsapparaat en men komt ermee bij de fysiotherapeut terecht. Het is dus altijd belangrijk om te vertellen dat u ooit behandeld bent voor kanker als u jaren later met klachten naar de fysiotherapeut gaat. De oncologiefysiotherapeut is vanuit zijn specialisme over het algemeen goed op de hoogte van deze lange termijn effecten. Het is de bedoeling van de medische behandelingen dat de patiënt geneest en weer alles kan doen dat hij of zij voor de behandelingen ook deed.

Maar soms loopt het anders en slaan de medische behandelingen niet goed aan, ontstaan er uitzaaiingen of een nieuwe vorm van kanker. Dan spreken we van de palliatieve fase. De ziekte is dan niet meer te genezen. Dit stadium kan soms heel lang duren. Het belangrijkste is dan dat de kwaliteit van leven goed is. Daarvoor is een actieve levensstijl met veel lichaamsbeweging belangrijk. De oncologiefysiotherapeut begeleidt en adviseert daarover.

In de terminale fase is het levenseinde in zicht. Pijn, moeheid en benauwdheid zijn de belangrijkste klachten. Bij deze klachten kan de oncologiefysiotherapeut helpen met bijvoorbeeld ontspanningsoefeningen, begeleiden bij belasten, advies en ondersteuning bij ventilatie, temperatuur en luchtvochtigheid, en ademhalingsoefeningen.

De behandeling kan plaatsvinden op verschillende locaties, namelijk: 1. Aan huis. Wanneer u niet in staat bent om naar de praktijk te komen, komt de therapeut bij u thuis. 2. In de praktijk. Indien u wel in staat bent om naar de praktijk te komen zal de behandeling daar plaatsvinden. In de praktijk kunt u zowel individueel of in een kleine groep (2-3 personen) behandeld worden. 3. In Bodyline Hulst. In Bodyline vindt de groepsbehandeling Oncofit plaats. U werkt hier, samen met lotgenoten, aan uw (fysieke) herstel. U kunt hier in een “beschermde” omgeving eventueel ook ervaringen uitwisselen. Dit is echter geen vereiste. Iedereen traint op zijn of haar eigen niveau en hierdoor is de groep toegankelijk voor iedereen.

Lymfoedeem Wanneer er sprake is van lymfoedeem, zal u hiervoor tevens behandeld kunnen worden door Michel de Backere. Deze behandeling kan voorafgaan aan de behandeling van de andere klachten, maar ook tegelijkertijd worden gestart.

Mocht u vragen hebben of een afspraak willen maken, dan kunt u terecht bij onze in oncologie gespecialiseerde fysiotherapeut: Michel de Backere.

COPD (Luchtwegproblemen beperken door bewegen)

Klachten beperken
Als u zich inspant en dat leidt tot benauwdheid en hoestbuien, is het begrijpelijk dat u lichamelijke activiteiten liever mijdt. Maar als u chronische bronchitis of long- emfyseem heeft, kortweg COPD, is het extra belangrijk dat uw conditie niet in een neerwaartse spiraal terechtkomt. Als u minder beweegt, zullen klachten juist eerder optreden en uw mogelijkheden steeds verder afnemen. Dat is jammer, want uw fysiotherapeut kan u leren hoe u door beweging uw klachten zoveel mogelijk beperkt.

Leren leven met COPD
COPD is een aandoening die niet genezen kan worden. U moet ermee leren leven, net als de mensen om u heen. Dat is, zeker in het begin, heel emotioneel en levert veel onzekerheid op. Neem de klachten serieus en zorg voor een goede behandeling. Daarbij werken veelal uw huisarts, specialist, fysiotherapeut, gespecialiseerde verpleegkundige en/of thuiszorg samen. In deze folder leest u meer over wat fysiotherapie voor u kan betekenen: minder hoesten, beter ademen en verantwoord bewegen. Samen met uw fysiotherapeut, de specialist in beweging, leert u zo goed mogelijk om te gaan met COPD.

Achtergrondinformatie
Tot voor kort gold de verzamelnaam CARA voor astma, longemfyseem en chronische bronchitis. Bij alledrie is sprake van ontstekingen van de luchtwegen, maar de oorzaak en behandeling bij astma zijn dusdanig anders dat de term CARA steeds minder wordt gebruikt. Nu wordt voor chronische bronchitis en emfyseem de afkorting COPD gehanteerd.

Wat is COPD?
COPD is een langdurige ontsteking van het slijmvlies van de luchtwegen. Deze begint vaak met extra slijmvorming. Later beschadigt de ontsteking de longen. Kleine luchtwegen verliezen hierdoor op den duur hun stevigheid en de longen worden minder rekbaar. Verkoudheid, luchtweginfecties of prikkelende lucht, zoals rook, verergeren de ontsteking van het slijmvlies in de luchtwegen.

Klachten
Typerend zijn veel en moeilijk hoesten en slijm opgeven. Veel mensen schamen zich daarvoor. Ook heeft u een piepende ademhaling en wordt u snel benauwd bij inspanning. Patiënten met COPD hebben vaak luchtweginfecties, die bovendien relatief langer duren. Dit kan grote beperkingen opleveren, thuis en op het werk.

Problemen met ademhaling
Inademen gaat meestal wel, maar vooral uitademen levert het grootste probleem op. Als u zich inspant gaat u sneller ademen. Daardoor kan de druk in de borstkas te groot worden voor de kleine, minder stevig geworden luchtwegen, waardoor ze dichtklappen. De ademhaling wordt kort en oppervlakkig. Ook de zogenaamde hulpademhalingsspieren gaan meedoen om toch voldoende zuurstof binnen te krijgen. Ademen kost dan echter veel energie en u wordt snel benauwd. Bij beginnend COPD merkt u dat tijdens zwaardere lichamelijke inspanning zoals fietsen tegen de wind in of hard lopen. Als COPD verergert, wordt u al benauwd bij traplopen of stevig wandelen.

Wat is de oorzaak van COPD?
Verreweg de belangrijkste oorzaak van COPD is (mee)roken. Rook veroorzaakt een lang aanhoudende ontsteking van het slijmvlies in de luchtwegen. Langdurig werken in een omgeving met bijvoorbeeld veel steen- en metaalstofdeeltjes in de lucht kan eveneens tot een ontsteking leiden. De beschadiging van het slijmvlies verergert geleidelijk waardoor klachten vaak pas na het 40ste levensjaar merkbaar worden. Verder kunnen factoren zoals luchtverontreiniging en erfelijkheid een rol spelen.

Wat kan de fysiotherapeut voor u betekenen?
Fysiotherapie kan bijdragen aan een effectievere manier om slijm op te hoesten, een betere ademhaling en helpen om uw conditie op peil te houden.

Hoesten
Mensen met COPD hoesten veel om slijm kwijt te raken. Bij sommigen zijn de longen echter minder stevig en werkt hoesten juist averechts. De fysiotherapeut leert u een methode om zo effectief mogelijk slijm op te geven. Hierdoor komt u ook sneller van luchtweginfecties af.

Ademen
Als u moeite heeft met ademen, leert u van de fysiotherapeut een betere ademhaling die u toe kunt passen als u zich inspant. Zo houdt u activiteiten langer vol en krijgt u er ook weer meer plezier in.

Conditie
Ook kan de fysiotherapeut u deskundig begeleiden bij het verbeteren of op peil houden van uw conditie. Wellicht vindt u dit moeilijk of durft u zich niet goed in te spannen omdat u steeds benauwd wordt. De fysiotherapeut kan u uitleggen wat u juist wel en wat u beter niet kunt doen. In overleg en afgestemd op uw situatie stelt de fysiotherapeut een trainingsprogramma op ter verbetering van uw conditie. Eventueel krijgt u ook specifieke oefeningen voor bijvoorbeeld uw ademspieren en arm- of beenspieren. Uiteraard moet u voor 100% uw best doen, maar dan is het resultaat er ook naar: uw klachten zullen verminderen. Uw zelfvertrouwen groeit en u kunt daarna ook zelf meer gaan bewegen.

Blijven bewegen
Of het verbeteren van uw conditie nu weken of maanden duurt, het is noodzakelijk dat u na de behandeling zelfstandig verder gaat met de nodige beweging. Uw fysiotherapeut geeft u hierover advies. U kunt bijvoorbeeld gewoon gaan sporten bij een sportvereniging. Wanneer uw arts of fysiotherapeut dit afraadt, is er nog de mogelijkheid om te sporten (o.a. zwemmen) via het Astma Fonds. Hier kunt u op een verantwoorde manier uw conditie op peil houden, ook weer
onder leiding van een fysiotherapeut. Bovendien ontmoet u mensen die leven met dezelfde beperkingen als uzelf en dat kan leerzaam, stimulerend en troostrijk zijn.

Wat kunt u zelf doen aan COPD?
Wie het snel benauwd krijgt, zal geneigd zijn zich minder in te spannen. Dat heeft echter een averechts effect. Minder bewegen verslechtert de conditie waardoor klachten eerder optreden. Werk dus aan uw conditie, beweeg verantwoord en blijf zo mogelijk sporten, al dan niet begeleid door een fysiotherapeut. En in de eerste plaats: leef een rookvrij leven.

Stoppen met roken
Voorkom verdere schade aan uw longen. Stoppen met roken is veruit de belangrijkste stap, want daardoor verergert de ziekte minder snel. Ook als u al jaren rookt, is stoppen echt zinvol. Voor ondersteuning kunt u terecht bij uw huisarts en bij Stoppen met roken.nl. Vermijd verder rokerige omgevingen en houd uw eigen huis uiteraard rookvrij.

Bewegen
Probeer in een zo goed mogelijke conditie te blijven. Voldoende bewegen is voor iedereen goed, maar voor mensen met COPD onmisbaar. Elke dag een stevige wandeling, fietsen of zwemmen is genoeg om uw conditie op peil te houden. Door beweging raken uw spieren getraind en hebben ze geleidelijk minder zuurstof nodig. Dit zorgt ervoor dat u minder benauwd wordt. Bovendien is beweging goed tegen de bijwerkingen van bepaalde medicijnen, zoals (inhalatie-)corticosteroïden, die kunnen leiden tot zwakkere spieren en botontkalking.

Sporten
Als u al sport, kunt u daar het beste mee doorgaan. Wilt u beginnen met sporten, bespreek dit dan met uw arts. Deze kan de toestand van uw longen bekijken, bepalen hoeveel inspanning u aankunt en stuurt u, als dat nodig is, naar de fysiotherapeut voor deskundige begeleiding. Het is belangrijk dat u gestimuleerd wordt om lichamelijke activiteiten te ondernemen.

Gezond eten
Ook een gezond gewicht is noodzakelijk om in goede conditie te komen en te blijven. Als u te zwaar of juist te licht bent of ongezond eet, verslechtert uw conditie. Eet dus gezond, houd uw gewicht in de gaten en neem maatregelen als u aankomt of afvalt.

Medicatie
Ook is het belangrijk dat u uw medicijnen gebruikt zoals voorgeschreven. Medicijnen kunnen de longen niet herstellen, maar zorgen er vaak wel voor dat u minder hoest en minder benauwd wordt. Hierdoor is het makkelijker om iets actiefs te ondernemen. Als u nog vragen heeft, overleg dan met onze COPD gespecialiseerde fysiotherapeut: Frank Audenaerde.

Claudicationet

Claudicatio intermittens is een vaatziekte. Bij claudicatio intermittens krijgt u tijdens het lopen pijn, kramp of een doof of moe gevoel in uw been. De klachten kunnen in de voet, de kuit, het dijbeen of de bil optreden. Als u stilstaat verdwijnen de klachten. Soms heeft u een koud gevoel in uw voet. Loopt u weer verder, dan beginnen de klachten na eenzelfde loopafstand opnieuw.
Iemand met claudicatio intermittens heeft meer kans op andere hart- en vaatziekten, zoals een hartinfarct of beroerte.
Bij claudicatio intermittens zijn de bloedvaten van het been vernauwd. Als u dan gaat lopen, stroomt er te weinig bloed door het been. De spieren krijgen te weinig zuurstof en daardoor krijgt u de klachten.
De vernauwing van de bloedvaten kan bijvoorbeeld ontstaan door roken, een hoog cholesterol of te weinig beweging. Deze zogenaamde risicofactoren geven slagaderverkalking. In de wand van de slagaderen hopen zich vetten, kalk en ontstekingscellen op. De voorheen elastische wand van uw slagaderen wordt steeds stugger en dikker en gaat verkalken. De slagaderen worden zo steeds nauwer.
Als iemand met claudicatio intermittens stil staat, komen de spieren tot rust. De bloedstroom kan dan zuurstof aanvullen. Daardoor verdwijnt de pijn.

De belangrijkste maatregel bij claudio intermittens is zorgen voor een betere doorbloeding in het been. Dat kunt u bereiken door:

  • – niet te roken
  • – het cholesterol te verlagen
  • – meer te wandelen

– looptraining met een gespecialiseerde fysiotherapeut

U kunt de bloedtoevoer naar uw benen verbeteren door regelmatig te gaan wandelen. Loopoefeningen zorgen ervoor dat de bloedstroom door de kleinere vaten toeneemt.
Geleidelijk ontstaan er ‘sluiproutes’ die het bloed om de vernauwde vaten heen leiden. Op deze manier worden uw benen weer beter van bloed voorzien. De spieren krijgen meer zuurstof en u heeft minder gauw klachten. Na verloop van tijd kunt u een grotere afstand afleggen voordat de klachten optreden.

Looptraining onder fysiotherapeutische begeleiding;
Vanwege pijnklachten die optreden tijdens het lopen is het heel nuttig om te beginnen onder begeleiding van een gespecialiseerde fysiotherapeut. Na een looptest krijgt u instructies bij het opstarten van een aangepast loopschema en worden andere voor u noodzakelijke oefeningen aangeleerd. U krijgt advies over hoe om te gaan met pijn en wordt voorts gecoached bij het uitvoeren van het loopschema en maken van huiswerkschema. Houd dat minstens een half jaar vol. Dan gaat u het verschil merken. Daarna is het belangrijk om zelf te blijven trainen. Spreek met uw fysiotherapeut af wanneer u weer voor controle komt om te bespreken hoe het gaat.

Een claudicatio gespecialiseerd fysiotherapeut is aangesloten bij het landelijk Claudicationet; http://www.claudicationet.nl/

In onze praktijk is Frank Audenaerde aangesloten bij dit netwerk. Voor meer informatie kunt u bij hem terecht.